Mussel, zijn vroegere inwoners, hun leven & hun huizen
klik op de afbeeldingen voor een vergroting
Musselweg 58
Ansichtkaart (eigen collectie) ca. 1922. Op de voorgrond Jacob en Arie Slagter, op de achtergrond ene heer Plagge met dochter Lenie (bron SHC Stadskanaal). De winkel op de foto is het nieuwe huis.
De eerste bewoner van Musselweg 58 was Jetsko Fennema. Voordien woonde hij op Musselweg 40 , waar hij naast het boerenbedrijf ook een winkel runt. Als hij dat op 10 november 1906 verkoopt aan timmerman Wilhelmus Mulder, dan zal hij zijn nieuwe winkel/woonhuis op Musselweg 58 klaar hebben gehad. Jetsko had de grond in pacht van Geert Sterenborg die de driehoek tussen Musselweg, Lindenlaan en Ondersteveenweg bij de verdeling van de Onstwedder markegronden is toegewezen. Op 27 mei 1908 neemt Jetsko voor ƒ300 het eigendomsrecht over; het gaat om het perceel dat op de tekening in de kantlijn terug is te vinden als perceel 1009 (Bron RHC GrA, toegang 120, inventaris 54, akte 2380). . Lang heeft Jetsko er niet gewoond. Amper zes jaar na de koop komt Jetsko te overlijden. Zijn bezittingen worden verdeeld. Het perceel van Jetsko wordt op 24 mei 1916 opgesplitst. Het gedeelte met het woonhuis gaat naar zoon Hendrik; hij koopt het uit de nalatenschap voor ƒ2100. Het andere, onbebouwde deel, gaat voor ƒ900 naar zijn zus Tijtje Fennema, getrouwd met Berend Wubs bron: RHC GrA, toegang 120, inv.78, akte 6404 . Dit is het latere adres Musselweg 54 . Hendrik is bij de aankoop van het huis ongehuwd en woont samen met zijn moeder in het ouderlijk huis. Hij trouwt een jaar later, op 12 mei 1917, met Geessien van der Heide. Bij hun huwelijk wordt Hillechien, de bijna vierjarige dochter van Geessien, gewettigd en krijgt daarbij de achternaam Fennema. Op 10 januari 1919 verkoopt Hendrik voor ƒ5000,- het “winkelhuis met schuur en land” aan veldwachter Sjoerd Slagter bron: RHC GrA, toegang 120, inv.91, akte 36. Sjoerd leent de gehele koopsom van Rutger Tipker, landbouwer te Mussel Bron; RHC GrA, toegang 120 inv.93, akte 403 . Op 15 juni 1920 leent Sjoerd ƒ3000 van Frans Hendrik Muthert uit Stadskanaal. Ook verkoopt hij een stukje van zijn grond aan de woningbouwstichting “Mussel” zodat het pand op Musselweg 54 iets meer ruimte krijgt (bron RHC GrA 120-100-487). Het zit Sjoerd niet mee; zijn onderkomen gaat in 1921 door brand verloren. Herbouw volgt en daarna maakt Sjoerd duidelijke keuzes. Hij heeft een behoorlijke expansiedrift en splitst zijn perceel in twee stukken. Op het nieuwe perceel verrijst een nieuwe zaak en daar gaat hij wonen; het is het huidige adres Musselweg 56 . Zijn andere zaak, de kruidenierswinkel annex kledingzaak, wordt te koop gezet. De verkoop lukt niet zo goed; adverteren heeft geen effect en ook een publieke verkoping op 5 oktober 1923 levert geen koper op. Op 27 november 1923 is voor het eerst een advertentie te vinden waarin we lezen dat het pand zeer geschikt zou zijn voor een bakkerszaak, hoewel er dan waarschijnlijk nog geen oven is gebouwd. Sjoerd blijft adverteren. Op 23 februari 1924 vinden we de laatste advertentie, maar dan is het eindelijk raak! Op 26 februari 1924 verkoopt Sjoerd zijn zaak. Een bakker uit Oostwold, Henderik Dam, wordt voor ƒ5750 de nieuwe eigenaar. Voor de winkelvoorraad betaalt Henderik ƒ250,- (bron RHC GrA 120- 117-72) . In de krant van 16 februari is een artikel gevonden over de aanbesteding van een nieuw te bouwen bakkerij door Henderik. Het doet vermoeden dat hij eerst heeft geprobeerd om elders op het dorp een nieuwe bakkerij te bouwen; misschien ook was het een dwangmiddel van Henderik om de prijs van het pand Musselweg 58 naar beneden te krijgen. Bakker Dam pakt het voortvarend aan; achter de zaak wordt een oven gebouwd. Misschien dat de klandizie in het kleine Mussel tegenvalt? Vergeet niet dat ook op Musselweg 116 brood wordt gebakken door bakker Drok. Hoe dan ook, Henderik komt zijn betalingsverplichting niet na en Frans Hendrik Muthert stuurt de deurwaarder naar Sjoerd. Raar, maar misschien dat Sjoerd in overleg met Henderik de hypotheek nog steeds op naam heeft staan. Begin november 1924 wordt Henderik failliet verklaard. Op 25 november 1924 komt het op verzoek van Sjoerd tot een publieke verkoping van de bakkerij en toebehoren. De familie Dam moet er dan nog wonen, want de toekomstige koper zou “zich zelfe de feitelijke levering moeten verschaffen”. Pieter Houtman, aannemer te Musselkanaal, durft het aan voor ƒ4075 maar loopt geen risico; hij biedt namens Sjoerd Slagter, die het pand zo opnieuw in bezit krijgt (bron RHC GrA 120-120-426) . Bakker Dam heeft er dus ƒ1675 op toegelegd….. Een nieuwe fase van adverteren breekt aan. Het lijkt er op dat Sjoerd investeert in de bakkerij: op 17 februari 1925 leent Sjoerd ƒ3000 van de volks-spaarbank “Eigen Haard” met de winkel, bakkerij en woonhuis als onderpand tegen 5,75% rente. Opvallend dat we in de akte een bekende naam zien: Frans Hendrik Muthert treedt op als getuige; blijkbaar zijn Frans en Sjoerd niet in onmin met elkaar geraakt (bron RHC GrA 120-121-55). Op 16 juni 1927 verkoopt Slagter het huis en alles dat er bij hoort aan Berend Lukkien. Berend geeft er ƒ4000 voor (bron: RHC GrA 122-355-305) . Lukkien hoeft niet te verhuizen. Al sinds enige tijd huurt hij de bakkerij van Slagter. Net als veel anderen in de omgeving, heeft ook Berend Lukkien zich in WO I schuldig gemaakt aan smokkel naar Duitsland. Op 12 augustus 1916, hij was toen slechts 16 jaar oud, brengt hij 15 kg “eetbaar vet” naar onze oosterburen. Hij wordt gesnapt maar door vormfouten in de dagvaarding lijkt hij de dans te ontspringen (bron RHC GrA 882-529-433) . Helaas voor Berend, een maand later wordt hij alsnog veroordeeld tot een boete van ƒ25 (bron RHC GrA 882-530-547) . Op 5 september 1932 verkoopt Berend de bakkerij voor ƒ8000,- aan Gerrit Vedder. De vader van Gerrit, staat borg voor de aankoop. De inventaris van de bakkerij met alle machines, gereedschappen, trommels, vaten etc. zijn bij de koop inbegrepen. Ook het paard en de venters- wagen. Samen geschat op ƒ1500,-. We lezen in de akte ook de bepaling dat Berend zich, op straffe van ƒ1000 per overtreding, niet meer mag vestigen als bakker of kruidenier in de gemeente Vlagtwedde en Onstwedde. Er wordt een uitzondering gemaakt voor Onstweddertange en Alteveer (bron RHC GrA T2207-6852-3) . Lijkt Lukkien plannen te hebben om in de omgeving van Alteveer een bakkerij te beginnen? Nog geen twee week later, op 14 september 1932 zitten beide heren weer bij de notaris: de bepaling in de akte over het concurrentiebeding zou niet juist zijn geweest. Het vestigingsverbod in de gemeente Vlagtwedde had alleen moeten gelden voor het dorp Jipsingboertange (bron RHC GrA T2207-6852-33) . De familie Lukkien vestigt zich kort daarna in Vlagtwedde om er een café annex bakkerij beginnen. Op 26 oktober 1932 vestigt de familie Vedder zich in Mussel. Het is maar de vraag hoelang Gerrit hier heeft gewoond. Als hij in 1943 de zaak verkoopt dan heeft hij het pand verhuurd aan meerdere mensen. A.C.Boelman huurt het voor een gulden per week, de gebroeders Bakker uit Vledderveen voor ƒ25,- per jaar en A.Boels voor ƒ3,- per jaar. Gezien de huurprijzen is het aannemelijk dat Boelman er heeft gewoond en de anderen gebruik hebben gemaakt van de bakkerij of opslagruimte. We kunnen het niet nazoeken in de bevolkingsregisters; dat systeem is vanaf 1939 niet meer in gebruik. Het opvolgende persoonsregistratie-register is niet vrij opvraagbaar. Op 25 mei 1943 verkoopt Gerrit zijn bezit voor ƒ5000,- aan Otto Alberts Wijbrands en zijn schoonzus Aaltje Wijbrands-Vos. Ze zijn bakkers in Jipsinghuizen (bron RHC 2207-6959-122). . Ook van dit paar weten we weinig. Bij de verkoop vijf jaar later woont Aaltje in Sellingen en Otto in Gieten. Er is nergens bewijs gevonden dat ze in de tussentijd in Mussel hebben gewoond. Op 19 augustus 1948 verkopen Otto en Aaltje de bakkerij en alles wat er bij hoort, voor ƒ5000 aan Rinke Wijbrands de zoon van Aaltje. Ook van Rinke is nog niets gevonden dat er op duidt dat hij in Mussel heeft gewoond. In de koopakte lezen we dat Remke Brugge de bakkerij, van de familie Wijbrands huurt voor ƒ416 per jaar (bron: RHC GrA 2207-6996-97) . Op 28 april 1954 verkoopt Rinke de bakkerij voor ƒ6000 aan zijn huurder, Remke Brugge (Bron: RHC GrA OZ4-1078-073-WST) . Wordt vervolgd…….. Musselweg 56 Musselweg 58a Musselweg 40 t/m 70
krantenknipsel; dagblad “De Tijd” 10 juni 1921
Bovenstaande afbeelding is de eerste tekening na de splitsing van O1009. Perceel O1325 gaat naar Hendrik Fennema, perceel O1326 naar zwager Berend Wubs. Op de tekening is ook daar al een huis gebouwd.
Nieuwsblad v.h. Noorden 29 september 1923
de eerste kadastertekening van perceel O1009 met huis (bron RHC GrA kadasterviewer)
v.l.n.r. Rina, Henk, Arie en Jacob Slagter (collectie SHC St’kanaal) .
het krantenartikel over de bouw van een nieuwe bakkerij in Mussel (Nieuwsblad v.h. Noorden 16-02-1924)
Nieuwsblad v.h. Noorden 9 mei 1925
Jannetje en Sjoerd Slagter (collectie kleinzoon Sjoerd Slagter).
Berend op de motor (collectie RHC GrA kentekenarchief)
versie februari 2019
Home Home Home
Dorp Dorp Dorp
Contact Contact Contact